Gemeentelijk beleidsplan ruimte Staden
Krijtlijnen voor je ruimtelijk beleid
Op 27 november 2025 heeft de gemeenteraad van Staden het gemeentelijk beleidsplan ruimte (GBR) goedgekeurd. WVI maakte het beleidsplan op, in cocreatie met de gemeente en met participatie van de inwoners.
Het gemeentelijk beleidsplan ruimte (GBR) komt in de plaats van het verouderde gemeentelijk ruimtelijk structuurplan (GRS). Net zoals het GRS reikt het een samenhangende toekomstvisie aan, die de gemeente houvast biedt om – binnen de krijtlijnen van het beleidsplan – uitvoeringsgerichte plannen op te maken.
WVI als partner
Anders dan het GRS is het voorlopig niet verplicht. Het is wel een essentieel instrument voor lokale besturen die werk willen maken van een proactief beleid. Het kan bijvoorbeeld ongewenste ontwikkelingen zoals versnippering van open ruimte en ‘verappartementisering’ helpen voorkomen. De gemeente kan haar GBR ook gebruiken om beleidskeuzes te rechtvaardigen in onderhandelingen met andere besturen en private actoren. En dankzij de participatie van inwoners creëert het ook draagvlak voor een gedeelde visie. Als verlengstuk van de gemeente kan WVI het gemeentelijk beleidsplan ruimte helpen opmaken, in cocreatie met het lokale bestuur. Die aanpak levert prima resultaten op: de plannen hebben een sterkere inhoud en zijn haalbaar en realistisch. Bovendien hebben ze een duidelijke koppeling naar het beleid en zijn de kosten beheersbaar. Onze uitgebreide terreinkennis helpt ons om de ruimtelijke uitdagingen scherp in het vizier te krijgen en breed gedragen ambities uit te werken. We beschikken intussen ook over heel wat expertise op het gebied van inspraak en participatie, met formules zoals infomarkten of gesprekstafels.
Inbreidingsgericht
Het beleidsplan ruimte legt andere accenten dan het GRS. Het speelt in op urgente uitdagingen op het gebied van klimaatadaptatie, energie, biodiversiteit, erfgoed, vergrijzing en gezinsverdunning, maar vooral op de bouwshift, waardoor ten laatste tegen 2040 geen nieuwe open ruimte mag worden aangesneden. Binnen het bestaande ruimtebeslag moet het ruimtelijk rendement dus fors naar omhoog. Dat is meteen het grootste verschil met de filosofie van het GRS. Dat was nog uitbreidingsgericht: de gemeente kon het aangrijpen om extra ruimte aan te snijden voor wonen, bedrijvigheid enz. Het beleidsplan ruimte is inbreidingsgericht: om de bouwshift te helpen realiseren, moeten we meer doen met minder ruimte. Daarom zet het in op kernverdichting, reconversie en het verweven van functies zoals wonen, werken en recreatie.
Strategische visie en beleidskaders
Een beleidsplan ruimte bestaat uit een strategische visie en een of meer beleidskaders. De strategische visie reikt een flexibel, maar duidelijk en samenhangend toekomstbeeld aan. De beleidskaders werken specifieke beleidsopties verder uit en vertalen de strategische visie in concrete doelstellingen op kortere termijn. Ze zijn actiegericht en geven aan hoe de vooropgezette ambities kunnen worden gerealiseerd. Ze zijn ook modulair: de gemeente kan beginnen met één beleidskader en dat later aanvullen met andere beleidskaders, zonder dat de strategische visie hoeft te veranderen. De gemeente Staden koos ervoor om voorlopig één beleidskader uit te werken: het ruimtelijk rendement binnen de kernen Staden, Oostnieuwkerke en Westrozebeke. De bouwshift maakt nieuwe woonuitbreidingen buiten het juridisch vastgelegde aanbod allesbehalve evident, zodat de verdichtingsdruk op de kernen toeneemt. Dat werpt heel wat vragen op: welke woonvormen kiezen we, moeten en kunnen we voorzieningen concentreren, waar zorgen we voor recreatie en groen? Het beleidskader werkt een visie uit om duurzaam te verdichten.
Bouwstenen
Om het beleidskader ‘ruimtelijk rendement’ op te maken, hebben we in een onderzoeksnota eerst een grondige analyse gemaakt van de drie kernen, met ook een behoefteraming voor wonen en recreatie. Per kern maakten we een DNA-kaart op. Vervolgens hebben we de kernen verdeeld in samenhangende ruimtelijke gehelen. Voor elk ruimtelijk geheel kozen we uit een toolbox specifieke bouwstenen voor een kwalitatief kernversterkend beleid – denk aan afspraken rond verdichting, woonkwaliteit, levendige straatgevels, bouwkundig erfgoed, energiezuinig renoveren van het patrimonium, groenblauwe dooradering enz. Op basis van de DNA-kaarten en de afgebakende ruimtelijke gehelen konden we ze voor elk van de drie kernen een gedifferentieerd ruimtelijk beleid uitwerken.
Het traject
-
Voorbereidend onderzoek en startnota
Eerst screenden we het bestaande ruimtelijk structuurplan: welke thema’s blijven actueel, welke lacunes zijn er? Op basis van de beschikbare informatie en analyses werkten we een startnota uit, met de ambities voor ‘Staden 2040’. We legden ze voor aan een interne klankbordgroep met diverse gemeentelijke diensten en aan de Gecoro.
-
Conceptnota
Het voorbereidend onderzoek onderbouwde een eerste nota, met de voorlopige hoofdlijnen van het beleidsplan. In de conceptnota – de eerste officiële stap in het traject – werd ook al een beleidskader naar voren geschoven: het ruimtelijk rendement binnen de kernen Staden, Oostnieuwkerke en Westrozebeke.
-
Eerst participatiemoment
Over de conceptnota organiseerde WVI in elk van de drie kernen een infomoment over uitdagingen en beleidskeuzes die in de conceptnota vervat zitten.
-
Voorontwerp
Nadat de gemeenteraad de conceptnota heeft goedgekeurd, maakten we het voorontwerp op. Dat omvat de strategische visie en het beleidskader ‘ruimtelijk rendement binnen de kernen’. Het voorontwerp werd voorgelegd aan de hogere overheden, de gemeenteraad en de Gecoro.
-
Ontwerp
Het ontwerp van het beleidsplan werd voorlopig vastgesteld door de gemeenteraad. Daaraan was een tweede participatiemoment gekoppeld: tijdens een decretaal opgelegd openbaar onderzoek konden bezwaren en opmerkingen worden ingediend. Daarvoor organiseerden we infomarkten in de drie kernen.
-
Plan-MER
We gaven een extern studiebureau de opdracht een plan-MER op te maken. Dat is nodig om milieueffecten van het beleidsplan te identificeren en het plan waar nodig aan te passen. De opmaak ervan liep parallel met de opmaak van het beleidsplan.
-
Definitieve vaststelling
In november 2025 keurde de gemeenteraad het beleidsplan ruimte formeel goed.