Van ‘paal volgt wagen’ naar een doordachte laadstrategie voor Diksmuide
Waar zijn de komende jaren publieke laadpalen nodig? En hoe zorg je ervoor dat die niet alleen op individuele vragen, maar vanuit een duidelijke visie worden geplaatst? WVI ondersteunde stad Diksmuide bij de opmaak van een strategisch laadplan voor elektrische voertuigen. Het resultaat: een concreet plan voor 24 bijkomende laadpalen op korte termijn en nog eens 15 op langere termijn.
Vooruitkijken naar de laadbehoefte van morgen
Elektrisch rijden neemt toe en daarmee groeit ook de behoefte aan publieke laadinfrastructuur. Tot nu toe gebeurt de uitbreiding daarvan onder meer volgens het principe ‘paal volgt wagen’. Een publieke laadpaal kan daarbij worden geplaatst wanneer een inwoner er een aanvraagt, er onvoldoende laadmogelijkheden in de buurt zijn en laden op privaat terrein niet mogelijk is.
Een strategisch laadplan laat lokale besturen toe om verder vooruit te kijken. In plaats van laadpalen alleen te plaatsen wanneer een concrete vraag ontstaat, bepalen ze vooraf waar publieke laadpunten vandaag en in de toekomst het meest aangewezen zijn. Zo kan de uitrol planmatiger en efficiënter verlopen.
Meer dan 900 kW bijkomend laadvermogen nodig
Voor Diksmuide maakte de Vlaamse overheid een prognose van de toekomstige laadbehoefte. Daaruit bleek dat er tegen 2030 over het volledige grondgebied een tekort van meer dan 900 kW aan laadvermogen zou ontstaan. Vooral in de woonwijken van het stadscentrum en in enkele kleinere kernen zou het huidige aanbod niet volstaan.
WVI ging met die gegevens aan de slag en onderzocht waar bijkomende publieke laadinfrastructuur het best kan worden voorzien. Daarbij werd onder meer gekeken naar de spreiding over het grondgebied, bestaande parkeervoorzieningen en Hoppinpunten.
Minstens één publieke laadpaal in elke deelgemeente
Op basis van die analyse koos stad Diksmuide ervoor om op termijn elke deelgemeente van minstens één publieke laadpaal te voorzien. In woonwijken worden laadpunten waar mogelijk geclusterd op locaties met bestaande parkeervoorzieningen of aan Hoppinpunten.
Het strategisch laadplan maakt zo de plaatsing van 24 bijkomende laadpalen op korte termijn mogelijk. Na 2028 kunnen daar nog 15 extra laadpalen bijkomen.
Begin september 2026 keurde het college van burgemeester en schepenen het strategisch laadplan goed. Het Departement Mobiliteit en Openbare Werken bezorgt de strategische visie vervolgens aan TotalEnergies, waarna de concrete plaatsingsopdrachten kunnen worden opgestart.
Ook werk maken van een strategische laadvisie?
De case van Diksmuide toont hoe lokale besturen de omslag kunnen maken van individuele aanvragen naar een onderbouwde visie op publieke laadinfrastructuur. WVI ondersteunt lokale besturen bij het analyseren van de toekomstige laadbehoefte, het bepalen van geschikte locaties en het uitwerken van een strategisch laadplan op maat van hun grondgebied.
Zo wordt laadinfrastructuur geen verzameling losse ingrepen, maar een onderdeel van een doordacht lokaal mobiliteitsbeleid.